Vergeet-mij-nietjes op het graf

door stijlXpres op 29 november 2017

Gastblog door Marinette Boersma, uitvaartverzorgster Yarden

Weblog | 29 november 2017

Ik loop het schelpenpaadje op naar het huis. De schelpjes knisperen onder mijn schoenen. Met een iets verhoogde hartslag druk ik op de bel. Ik sta voor de deur van een jong gezin.

De moeder heeft kanker, borstkanker met uitzaaiingen. En met mij wil ze alles bespreken rondom de naderende uitvaart. Haar man heeft gezegd dat ze erg onrustig is. En dat het regelen hiervan haar mogelijk wat rust geeft.

Mensen vragen mij wel eens wat ik moeilijk vind in mijn werk. Nou, dit komt aardig in de buurt.

Laatste maanden bij het gezin

We zitten aan de keukentafel. De kinderen zijn naar school en ze vertelt rustig hoe het met haar is. Ze wil geen behandelingen meer. Het rekt mogelijk haar leven, maar ze is er zo ontzettend ziek van. Ze kiest ervoor om deze laatste maanden zo goed mogelijk bij haar gezin te zijn.

Haar wens was altijd om gecremeerd te worden. Maar goed, haar wens was ook om 85 jaar te worden. Nu ze slechts 31 jaar is, en twee kindjes heeft die amper snappen wat ze te wachten staat, kiest ze toch voor een graf. De begraafplaats is zowat achter hun huis.

We bespreken alle mogelijkheden voor een afscheid. De opbaring, de rouwdienst, rituelen, de rol van de kinderen hierin. Tevens kiest ze vast een kaart en bloemen die ze mooi vindt. Ze laat niets aan het toeval over.

Omdat ik merk dat dit haar goed doet, maak ik voor haar een afspraak met iemand van de gemeente. Overmorgen gaat ze samen met haar man en kinderen een plekje uitzoeken op het kerkhof. Ik vertrek met de belofte dat ik van al deze wensen een begroting zal maken.

Verzekering niet toereikend

Drie dagen later zit ik weer aan de keukentafel. We bespreken de kosten van haar uitvaart. Ze heeft een verzekering bij een onafhankelijke verzekeraar.

Helaas is deze verzekering niet toereikend. Vaak heeft ze gedacht om zich daar eens over te laten voorlichten, en eventueel een aanvullende verzekering te regelen. Maar doodgaan is een ver-van-je-bed show. Want als je 31 jaar bent, ga je natuurlijk niet dood.

Er is wel een spaarpot, maar die was eigenlijk bedoeld voor de studie van de kinderen. We bespreken de mogelijkheden om een grafsteen later te doen. De kinderen kunnen in plaats daarvan schelpen en stenen zoeken, plantjes planten en van klei op school kunstwerken maken. Ook passen we de wensen iets aan, zoals een andere rouwkaart en een goedkopere kist.

Ze vertelt dat haar ouders hebben aangegeven mee te willen betalen. Iets wat ze eigenlijk niet wil aannemen, maar hier nu toch gebruik van gaat maken.

Drie maanden later…

We lopen met de kist het schelpenpaadje af. De kist is prachtig versierd en gekleurd door de kinderen. Die huppelen naast me. “Mama vertelde dat we haar graf mogen versieren”, zegt het dochtertje. “Volgende week gaan we met papa naar de winkel om plantjes uit te zoeken. En ik doe vergeet-mij-nietjes erop.”

Glimlachend kijk ik naar haar. Op deze manier ook na de uitvaart betrokken zijn, helpt bij de verwerking.

In gedachten zie ik een prachtig graf, met de mooiste bloemen en andere eigengemaakte kunstwerkjes. Hun moeder had het vast prachtig gevonden.

Beer, varkentje en hun pensioen

door stijlXpres op 4 november 2017

Weblog | 31 oktober 2017

Voor de beer en het varkentje uit het verhaal van Max Velthuijs breekt de winter (lees: pensioenperiode) aan. Beiden bereiden ze zich daar op een heel verschillende manier op voor. In het boek wordt de methode van varkentje, de ijverige werker, het meest aangeprezen. Maar is dat eigenlijk wel terecht?

Wie niet werkt zal ook niet eten …

Ik ben gek op verhalen van Max Velthuijs. Mijn kinderen ook toen ze klein waren. Leuke opbouw van de verhalen. Aansprekende dieren met hun eigenschappen mooi uitvergroot. Prachtige kleurige tekeningen om de kinderen mee te nemen in het verhaal.

En altijd een boodschap hoe je je dient te gedragen. Dat laatste ben ik anders over gaan denken. Hoe dien je je te gedragen? Ik heb inmiddels een allergie voor het woord dienen opgebouwd.

Kent u het mooie verhaal van Beer en Varkentje? Heel in het kort gaat het als volgt. Varkentje heeft de hele zomer hard gewerkt om een voorraad voor de winter aan te leggen. Maar Beer heeft de hele zomer in het zonnetje gezeten. Als het koud wordt en gaat sneeuwen, kan Beer niets meer te eten vinden. Hongerig klopt hij aan bij Varkentje. Beer moet houthakken en sneeuwruimen en als hij dat heeft gedaan krijgt hij een heerlijke maaltijd van Varkentje! Want wie niet werkt zal ook niet eten… Een mooi verhaal. Een fabel en dus een moraal: wie wat wil moet ervoor werken. En: niet uitstellen, maar doen. Het is daarnaast een verhaal over dankbaarheid en vriendschap. Schitterend! Max Velthuijs op zijn best.

Wat heeft Beer eigenlijk nodig?

Alleen één ding snap ik niet. Beren houden toch een winterslaap? In de winter hebben zij geen voorraad nodig. Ze teren op hun vetlaag en hebben daarmee hele andere behoeften dan varkens, die de hele winter actief blijven. Dus waarom zou een beer een wintervoorraad moeten aanleggen?

Zo kom ik op mijn overpeinzing. Dient een beer zich net zo te gedragen als een varken? Volgens mij niet. Of in grote-mensen termen: moet ik evenveel sparen voor mijn pensioen als een ander? Of moet ik er eerst eens over nadenken wat ik wil doen na mijn pensioen? Hoeveel geld ik daarvoor nodig heb? Wil ik regelmatig naar mijn caravan op de Veluwe of wil ik elk jaar minimaal zes maanden over de wereld zwerven? Heb ik een Canta nodig om naar de supermarkt te rijden of wil ik op mijn zeventigste een cabrio?

Moraal van mijn verhaal: bedenk wat je later wil doen en pas daar je spaarpot op aan. En ook: bedenk hoe groot je je spaarpot kunt laten worden en pas daar je wensen op aan. U dient immers wel realistisch te blijven 😉

Meer weten?

Wilt u zich ook verdiepen in uw inkomsten en uitgaven bij pensioen? Vul de Pensioenschijf-van-vijf in

Laaggeletterdheid en financiële problemen

door stijlXpres op 3 november 2017

Aanpak

Voor mensen met geringe taal- en/of rekenvaardigheden is het moeilijker om rekeningen te begrijpen, toeslagen aan te vragen of de eigen administratie bij te houden. Het is daarom van belang om zo vroeg mogelijk in een (schuldhulpverlenings)traject laaggeletterdheid te herkennen. Bijvoorbeeld met behulp van screeningsinstrumenten zoals de Taalmeter of Rekenmeter.

Soms moet de dienstverlening aan cliënten worden aangepast of een hulptraject wordt gecombineerd met het ontwikkelen van vaardigheden. Dat kan door gebruik te maken van lesmateriaal in eenvoudige taal, gericht op het op orde krijgen van de administratie, zoals Voor ’t zelfde geld.

Uit de praktijk

In de gemeente Amsterdam werpt de Aanpak Armoede Taal en Laaggeletterdheid (ATL) haar vruchten af. Het besef dat de doelgroepen van het taal- en armoedenetwerk grotendeels overeenkomen zorgt ervoor dat in de uitvoering allerlei verbanden worden gelegd. 

Maarten van Aernsbergen, senior beleidsadviseur Volwasseneneducatie en Participatie bij de gemeente Amsterdam, legt uit waarom die samenwerking belangrijk is: “We weten sinds jaar en dag al dat alleen taal leren niet de oplossing is. Je moet het leren van taal ergens aan verbinden, het zinvol maken. Taal is het middel om aan deze problemen te werken.”

Samenwerking

In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen, schrijven en rekenen. Dat heeft grote impact op hun sociale leven. Samen met lokale en landelijke partners, waaronder het Nibud, zet Stichting Lezen & Schrijven zich in om de financiële zelfredzaamheid te vergroten door het versterken van basisvaardigheden.

Blog 2 Rens Jansen

door Henk Kinds op

In mijn vorige blog ben ik geëindigd met een toelichting op de kosten die het afdwingen van je recht met zich meebrengt. In deze blog ga ik daar nog wat verder op in.

Zoals al gemeld is het voeren van een procedure duur. Om onnodige kosten te voorkomen hebben de gerechtsdeurwaarders inmiddels een aantal systemen ontwikkeld waardoor er meer inzicht is in de financiële situaties van schuldenaren.

Zo is er een Digitaal Beslag Register waar alle door de gerechtsdeurwaarders gelegde loonbeslagen in staan. Voordat een deurwaarder een dagvaarding uitbrengt en de dure procedure dus gaat lopen, moet (ja moet!) hij controleren of iemand niet al loonbeslag heeft liggen. Als uit het DBR blijkt dat er al beslag ligt en dit langer dan 3 jaar zal duren, moet de deurwaarder de schuldeiser vragen of deze echt wel wil procederen.

Helaas worden beslagen van de (semi-)overheid / fiscus / gemeenten etc (nog) niet in het register gezet, maar het geeft een redelijk beeld van de situatie waarin de schuldenaar zit.

Daarnaast is er de Verwijs Index Schuld Hulpverlening ontwikkelt. VISH geeft gerechtsdeurwaarders de mogelijkheid om te zien of iemand zich heeft aangemeld bij de schuldhulpverlening. En als iemand bekend is bij de hulpverlening kun je alsnog afzien van procederen. Helaas zijn de gemeenten in Salland trouwens nog niet aangesloten, maar maandelijks komen er gemeenten bij dus wij hopen dat ze snel volgen.

En waarom ontwikkelen deurwaarders nou zulke systemen of waarom sluiten ze zich aan bij de Sallandse Dialoog? Daar zijn diverse redenen voor.

Niet-kunners en niet-willers.

Wij komen bij alle mensen thuis. Ook bij hen die niet bij de (schuld)hulpverlening bekend zijn (de ijsberg onder water). Wij zien echt de onderste lagen van de bevolking, de schrijnendste gevallen, de mensen die tussen de uitwerpselen leven, die zichzelf kapot maken met drank en drugs, die compleet in isolement leven. Mensen die echt door de bomen het bos niet meer zien en de hoop hebben op gegeven. En aangezien gerechtsdeurwaarders naast openbare ambtenaren ook maar gewoon mensen zijn, willen wij daar wat aan doen.

Er zijn altijd mensen die rekeningen laten liggen. Ze worden vergeten of er worden bewust andere zaken gedaan met de financiën, daar kunnen wij vaak eenvoudig een schuld incasseren. En als dat niet vrijwillig wordt gedaan, dan kunnen we het afdwingen.

Maar voor de mensen die het niet bewust doen of niet kunnen betalen, moeten er mogelijkheden zijn om te voorkomen dat ze in de problemen komen en mogelijkheden zijn om er weer uit te komen.

Wij willen dat er ondersteuning is voor de mensen die dat nodig hebben en de Sallandse Dialoog biedt en ontwikkelt deze mogelijkheden en het is voor ons dan ook vanzelfsprekend dat wij daar als partner bij betrokken zijn.

In het volgende blog zal ik nog in gaan op de zakelijke redenen waarom wij dit soort systemen ontwikkelen.

Nibud blij met lancering nieuwe online geldplannen

door stijlXpres op 2 november 2017

Nieuwsbericht | 2 november 2017

Vandaag lanceert Startpunt Geldzaken, het samenwerkingsverband van Nibud, VEH, VEB en FPP twee nieuwe geldplannen: ‘Rondkomen met kinderen’ en ‘Studie (klein)kinderen’.

Voor het geldplan Rondkomen met kinderen heeft het Nibud samengewerkt met het Trimbos- instituut. En het geldplan Studie (klein)kinderen was niet tot stand gekomen zonder de steun van Fitvermogen.

Startpunt Geldzaken

De geldplannen maken onderdeel uit van Startpunt Geldzaken van het Nibud. In de geldplannen worden gebruikers stap voor stap geholpen om uit de zorgen te komen, hun financiële situatie te versterken, geld over te houden en op een slimme manier buffers op te bouwen, zodat financiële tegenslagen kunnen worden opgevangen.

Bij Startpunt Geldzaken zijn nu 120 gemeenten en 40 organisaties aangesloten.

Geldplan Rondkomen met kinderen

Eén op de acht kinderen groeit op in armoede. Reden temeer om de vele kindregelingen nog beter zichtbaar te maken. Het geldplan ‘Rondkomen met kinderen’ wijst ouders en hun hulpverleners naar de voor hen relevante regelingen.

Daarnaast biedt het geldplan ondersteuning om de mentale weerbaarheid te vergroten. Daar waar nodig wordt in het geldplan doorverwezen naar professionele hulp.

Geldplan Studie (klein)kinderen

Een studie vraagt een hoge investering. Sinds de invoering van het leenstelsel vragen steeds meer ouders en grootouders zich af op welke manier zij het beste geld apart kunnen zetten voor de studie van hun (klein)kinderen.

Het geldplan Studie (klein)kinderen laat stapsgewijs de mogelijkheden zien, geeft inzicht in de risico’s en laat zien wat het gespaarde en/of belegde bedrag uiteindelijk kan opleveren.

Lisa Brüggen lid Raad van Toezicht

door stijlXpres op 1 november 2017

Nieuwsbericht | 1 november 2017

Lisa Brüggen treedt op 1 december a.s. toe tot de Raad van Toezicht van het Nibud. Ze volgt Marius Geus op, die na een jarenlange verbintenis met het Nibud afscheid neemt.


Lisa Brüggen is onlangs hoogleraar Financial Services geworden aan de Universiteit van Maastricht. Daarvoor vervulde ze aan dezelfde universiteit de functie van universitair hoofddocent Marketing.

Haar specialisaties liggen onder meer op het terrein van financieel welzijn en pensioenen.

Financiële veerkracht

De Raad van Toezicht van het Nibud vindt in Brüggen een enthousiast en betrokken nieuw lid: “Ik vind het heel erg leuk om lid van de RvT van het Nibud te worden. Ik vind het belangrijk om mensen te helpen met het verkrijgen van inzicht in hun financiële situatie en hun financiële veerkracht – nu en in de toekomst – te vergroten.”

Nibud: In 2021 koopkrachtstijging van 4 tot 6 procent voor werkende Nederlander

door stijlXpres op 27 oktober 2017

Persbericht | 27 oktober 2017

Het op 10 oktober gepresenteerde regeerakkoord van het kabinet-Rutte III betekent – als het ook zo wordt uitgevoerd – in 2021 een koopkrachtstijging voor alle werkenden. De stijging varieert van een kleine 4 tot een ruime 6 procent in de komende vier jaar. Hogere inkomens gaan er meer op vooruit dan lagere inkomens.

Dat blijkt uit berekeningen van het Nibud dat in opdracht van de Tweede Kamer het regeerakkoord heeft doorgerekend. Het instituut schetst aan de hand van bijna honderd veel voorkomende voorbeeldhuishoudens een beeld van de bedragen die deze huishoudens in 2021 meer of minder te besteden hebben in vergelijking met dit jaar.

Werkenden erop vooruit

Alle werkenden gaan erop vooruit. Hun koopkracht stijgt – afhankelijk van hun situatie – met zo’n 4 tot 6 procent in de komende vier jaar. Dit komt omdat de verwachte loonstijging hoger is dan de prijsstijging. Werkenden profiteren ook van de hogere arbeidskorting en lagere belastingtarieven.

Werkenden met een relatief laag inkomen tot 20.000 euro per jaar hebben een minder grote koopkrachtstijging, omdat het grootste deel van hun inkomen in de eerste belastingschijf valt. En dit belastingtarief stijgt waardoor ze meer belasting betalen in 2021. De verandering van het belastingstelsel is wel gunstig voor middeninkomens en hoge inkomens: zij betalen hierdoor juist iets minder belasting.

Nauwelijks verbetering voor bijstandsgerechtigden

Het Nibud ziet dat door de plannen in het regeerakkoord huishoudens met een bijstandsuitkering er nauwelijks op vooruit gaan. Een alleenstaande in de bijstand heeft in 2021 per maand 21 euro meer te besteden dan dit jaar. Voor een alleenstaande met een kind is dat 15 euro.

De koopkracht van mensen met een bijstandsuitkering stijgt nauwelijks doordat zij geen voordeel hebben van de hogere arbeidskorting en omdat de uitkeringen minder stijgen dan de lonen. De koopkrachtvooruitgang van bijstandsgerechtigden bedraagt over vier jaar minder dan 2 procent.

Btw-verhoging

Het kabinet wil het lage btw-tarief verhogen van 6 procent naar 9 procent. In dit btw-tarief zit een aantal producten en diensten dat als noodzakelijk wordt gezien, zoals voedingsmiddelen. De btw-verhoging leidt tot een verhoging van de inflatie van ca. 0,7 procentpunt. Dit algemene inflatiecijfer heeft het Nibud meegenomen in de koopkrachtberekeningen. Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is dat zo’n 15 euro in de maand.

Gemiddeld besteden huishoudens ongeveer 20 procent van hun budget aan goederen en diensten in het lage btw-tarief. Sommige huishoudens geven echter meer dan 20 procent van hun budget uit aan goederen en artikelen in het lage btw-tarief en zij hebben dus extra nadeel van de btw-verhoging.

Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is een budgetaandeel van 27 procent in het lage tarief een realistische schatting. Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat deze verhouding het gezin in de bijstand met twee kinderen 5 euro extra per maand kost. In 2021 heeft dit gezin te maken met een koopkrachtstijging van 45 euro per maand in vergelijking met dit jaar, als we uitgaan van de gemiddelde uitgaven bij de supermarkt. Maar als we meenemen dat dit huishouden procentueel gezien meer kosten aan voeding heeft, gaan ze er vijf euro minder op vooruit en hebben ze in 2021 40 euro meer te besteden dan dit jaar.

Rijke gepensioneerden in de min

Huishoudens boven de AOW-leeftijd profiteren niet van de loonstijging. De AOW stijgt wel de komende vier jaar, maar de verwachting is dat de aanvullende pensioenen nauwelijks omhoog gaan de komende jaren. Hierdoor is het voor AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen vaak lastig om de verwachte prijsstijgingen op te vangen en ziet het Nibud dat met name ouderen met een hoog aanvullend pensioen erop achteruit gaan in 2021.

Het regeerakkoord bevat ook maatregelen om de koopkracht van ouderen te ondersteunen. Zo wordt de ouderenkorting verhoogd en wordt die minder snel afgebouwd. Dit is met name voordelig voor ouderen met alleen AOW of met AOW en een klein aanvullend pensioen: voor hen ziet het Nibud nog wel een kleine koopkrachtstijging.

Huishoudens met kinderen in de plus

Huishoudens met kinderen profiteren van de verhoging van de kinderbijslag en het inkomensafhankelijke kindgebonden budget. De afbouw van het kindgebonden budget begint nu nog bij een bruto jaarinkomen van 20.000 euro, straks is dat voor paren ruim 39.000 euro. Ook stijgt het kindgebonden budget voor het tweede kind.

Huishoudens waar één van beide partners werkt, blijven dit keer niet achter bij huishoudens waar beide partners werken. Een stel met een kind, waarvan één partner werkt en 40.000 euro per jaar verdient, gaat er 6,8 procent op vooruit en heeft daarmee over vier jaar 172 euro per maand meer te besteden dan nu. De afgelopen jaren kwam de alleenverdiener er over het algemeen minder goed vanaf dan een stel waarvan beide partners werkten.

Afschaffing grens huurtoeslag gunstig

Een van de plannen in het regeerakkoord is het afschaffen van de inkomensgrenzen in de huurtoeslag. Nu krijg je bij een bepaald inkomen helemaal geen huurtoeslag meer, vanaf 2021 wordt dat geleidelijk minder. Hoe hoger het inkomen hoe lager de huurtoeslag wordt.

Deze maatregel zorgt ervoor dat huishoudens die nu geen recht op huurtoeslag hebben, dat in 2021 wel hebben. Dit kan voor sommige huishoudens heel gunstig uitpakken en meer dan 160 euro per maand schelen. Een alleenstaande oudere met AOW en een aanvullend pensioen van 7500 euro gaat er in 2021 bijna 10 procent op vooruit, dit is 166 euro per maand. Maar als diegene in een woning woonde zonder huurtoeslag zou hij er slechts 1,6 procent, 27 euro per maand, op vooruit gaan.

Huiseigenaren lagere koopkrachtstijging dan huurders

Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat huishoudens met een eigen woning en hypotheek een iets minder hogere koopkrachtstijging hebben dan niet- woningbezitters met eenzelfde woonlast. Huizenbezitters ondervinden nadeel van de lagere belastingtarieven en van de afbouw van de hypotheekrenteaftrek.

Hoe hoger de hypotheek, hoe kleiner de koopkrachtstijging.

Daarnaast wordt vanaf 2019 de wet-Hillen in dertig jaar afgebouwd. Dit betekent dat huishoudens die hun hypotheek volledig hebben afgelost in 2021 10 procent van het eigenwoningforfait moeten optellen bij hun inkomen in box 1. Het effect hiervan is afhankelijk van het inkomen en de waarde van de woning. Het kan variëren van 0 euro, als men niet alle heffingskortingen kan verzilveren, tot bijvoorbeeld min 163 euro per jaar bij een inkomen van 70.000 euro en een woningwaarde van 600.000 euro.

Voorbeeldberekeningen

Koopkrachtontwikkeling voor 2021 (bedragen netto per maand)

Nibud: Hypotheeknormen 2018 – hogere leencapaciteit door loonstijging

door stijlXpres op 24 oktober 2017

Persbericht | 19 oktober 2017

De ruimte in het budget die huishoudens in 2018 hebben voor hypotheeklasten is voor de meeste inkomens ongeveer hetzelfde als in 2017. Dat schrijft het Nibud in het adviesrapport Financieringslastnormen 2018 dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vandaag aan de Tweede Kamer heeft aangeboden.

De financieringslastpercentages blijven redelijk stabiel. Dat komt onder meer doordat er weinig verandert aan de koopkracht en de hypotheekrente en de financieringslastpercentages over vier jaar gemiddeld worden. Een loonstijging kan er echter voor zorgen dat huishoudens toch meer hypotheek kunnen krijgen. Dit geldt natuurlijk het meest voor hogere inkomens, die in euro’s het meeste erbij krijgen.

Bij de verwachte gemiddelde loonstijging van 2,2 procent geldt dat voor inkomens vanaf ca. 45.000 euro. Tweeverdieners zullen merken dat het tweede inkomen voor 70 procent mag worden meegeteld bij het bepalen van het toetsingsinkomen voor het financieringslastpercentage, dit jaar is dat nog voor 60 procent. Ook is de definitie voor zeer energiezuinige woningen verbreed, waardoor ook andere bouwwijzen voor een hogere hypotheek in aanmerking komen. 

Hypotheeknormen 2018

De ruimte die een huishouden heeft voor woonuitgaven wordt bepaald door het bruto inkomen te verminderen met de verschuldigde belastingen en premies en met de overige kosten van levensonderhoud. Deze overige uitgavenposten moeten ook betaalbaar blijven na het afsluiten van een hypotheek.

Voor het bepalen van de percentages voor 2018 heeft het Nibud onder meer rekening gehouden met het feit dat consumenten in 2018 een hypotheek mogen afsluiten tot maximaal 100 procent van de waarde van de koopwoning. Ook is de jaarlijkse beperking van de hypotheekrenteaftrek met 0,5 procentpunt in de hoogste schijf meegenomen, in 2018 gaat deze van 50 naar 49,5 procent.

Als het Nibud deze wijzigingen meeneemt en rekening houdt met een verwachte loonstijging van 2,2 procent blijkt dat voor huishoudens met een inkomen tot ongeveer 45.000 euro de leencapaciteit stabiel blijft. Voor hogere inkomens stijgt de leencapaciteit licht. Voor huishoudens waarvan het inkomen niet stijgt, is de maximale hypotheek volgend jaar gelijk of iets lager dan dit jaar. Vanwege de inflatie en de daarmee gepaard gaande hogere uitgaven aan bijvoorbeeld voeding is er voor deze groep minder ruimte voor de woonuitgaven.

Blog 1 Rens Jansen

door Henk Kinds op 20 oktober 2017

Blog Rens Jansen, Gerechtsdeurwaarder bij BJK Gerechtsdeurwaarder & Incassospecialisten en ook bestuurslid en mede oprichter van de coöperatie Sallandse Dialoog.

Met regelmaat kijken mensen nogal vreemd op wanneer ze horen dat een deurwaarder & incassobureau deelneemt aan een samenwerking die zich richt op financiële redzaamheid, schuldhulpverlening en schuldpreventie. Wij leven immers toch van de schulden van mensen?!

In de komende drie blogs duik ik in het werk en leg ik uit waarom wij zijn aangesloten bij de Sallandse Dialoog.

Het werk.

Een schuldeiser doet iets voor zijn relatie. En of hij nou een huis verhuurt, een auto of gebit repareert of een verzekering aanbiedt, de schuldeiser heeft recht op een vergoeding voor deze acties. Wanneer iemand zijn plicht richting een schuldeiser niet voldoet, zijn daar hoge kosten mee gemoeid.

Denk eens aan de hoeveelheid tijd die de boekhouding er aan moet spenderen. De accountmanager / boekhouder die moet vragen waar de betaling blijft. De rente die misschien wel door de schuldeiser voldaan moet worden i.v.m. een voorfinanciering, de aanmaningen die worden verstuurd, de telefoontjes, het briefpapier, de enveloppen, de postzegels (die komend jaar weer 5 cent duurder worden) etc. Alles om maar te zorgen dat je krijgt waar je recht op hebt.

En als het vervolgens niet lukt om te incasseren gaat de zaak naar een incassopartner. Die er op zijn beurt ook weer een heleboel tijd in moet steken en kosten moet maken om de schuld te incasseren.

De kosten die je als schuldeiser (of incassopartner) daarvoor in rekening mag brengen zijn sinds 2012 wettelijk vastgelegd. En in de basis geldt: 15 % over de schuld met een minimum bedrag van € 40 en hoe hoger de schuld, hoe lager het percentage aan kosten. Meer info: www.deurwaarders.com/incassokosten

Een voorbeeld: Voor een openstaande factuur van € 200 stuurt de schuldeiser een herinnering en 2 aanmaningen, hij belt en gaat misschien zelfs wel langs. Daarna stuurt de incasso partner ook diverse aanmaningen, pleegt telefoontjes en stuurt SMS-jes en emails. Iedereen begrijpt dat de maximaal toegestane € 40,-dan de kosten niet dekt. Toch doen schuldeisers en incassobureaus al die pogingen en waarom?

Dure procedure.

Dat komt omdat het afdwingen van je recht nog veel duurder is. Als je een veroordeling wil, moet je een dagvaarding door een deurwaarder laten uitbrengen. Vervolgens volgt er een procedure en komt er een uitspraak. Die uitspraak moet aan de schuldenaar worden uitgereikt en pas daarna kan betaling worden afgedwongen.

De kosten voor die factuur van € 200 worden dan al ongeveer € 350 en als de schuld € 600 was, dan zijn die kosten ongeveer € 750. Kosten die de schuldenaar wel moet betalen, maar waarvan het risico in eerste instantie bij de schuldeiser ligt.

Er is dan nog geen beslag gelegd en/of de ontruiming heeft nog niet plaats gevonden. Die wettelijk vastgestelde kosten komen daar dus nog bij. Meer info: www.deurwaarders.com/kosten.

In de volgende blog wordt hier verder op ingegaan.

Wat betekent het regeerakkoord voor u?

door stijlXpres op 13 oktober 2017

De inhoud van het regeerakkoord is bekend. Zo weten we nu onder meer dat:

  • de btw op de dagelijkse boodschappen omhoog gaat van 6 procent naar 9 procent
  • de kinderbijslag omhoog gaat
  • u meer gaat betalen voor gas en elektriciteit
  • de grenzen voor huurtoeslag zullen veranderen

Maar wat het nieuwe regeerakkoord betekent voor uw portemonnee is nog onduidelijk. Wijzer in Geldzaken heeft de plannen van Rutte III wel alvast overzichtelijk voor u op een rij gezet. Door het invullen van de tool Wat betekent dit voor mij ziet u snel met welke financiële maatregelen u nog meer te maken kunt krijgen.

Vergeet-mij-nietjes op het graf

door stijlXpres op 29 november 2017

Gastblog door Marinette Boersma, uitvaartverzorgster Yarden

Weblog | 29 november 2017

Ik loop het schelpenpaadje op naar het huis. De schelpjes knisperen onder mijn schoenen. Met een iets verhoogde hartslag druk ik op de bel. Ik sta voor de deur van een jong gezin.

De moeder heeft kanker, borstkanker met uitzaaiingen. En met mij wil ze alles bespreken rondom de naderende uitvaart. Haar man heeft gezegd dat ze erg onrustig is. En dat het regelen hiervan haar mogelijk wat rust geeft.

Mensen vragen mij wel eens wat ik moeilijk vind in mijn werk. Nou, dit komt aardig in de buurt.

Laatste maanden bij het gezin

We zitten aan de keukentafel. De kinderen zijn naar school en ze vertelt rustig hoe het met haar is. Ze wil geen behandelingen meer. Het rekt mogelijk haar leven, maar ze is er zo ontzettend ziek van. Ze kiest ervoor om deze laatste maanden zo goed mogelijk bij haar gezin te zijn.

Haar wens was altijd om gecremeerd te worden. Maar goed, haar wens was ook om 85 jaar te worden. Nu ze slechts 31 jaar is, en twee kindjes heeft die amper snappen wat ze te wachten staat, kiest ze toch voor een graf. De begraafplaats is zowat achter hun huis.

We bespreken alle mogelijkheden voor een afscheid. De opbaring, de rouwdienst, rituelen, de rol van de kinderen hierin. Tevens kiest ze vast een kaart en bloemen die ze mooi vindt. Ze laat niets aan het toeval over.

Omdat ik merk dat dit haar goed doet, maak ik voor haar een afspraak met iemand van de gemeente. Overmorgen gaat ze samen met haar man en kinderen een plekje uitzoeken op het kerkhof. Ik vertrek met de belofte dat ik van al deze wensen een begroting zal maken.

Verzekering niet toereikend

Drie dagen later zit ik weer aan de keukentafel. We bespreken de kosten van haar uitvaart. Ze heeft een verzekering bij een onafhankelijke verzekeraar.

Helaas is deze verzekering niet toereikend. Vaak heeft ze gedacht om zich daar eens over te laten voorlichten, en eventueel een aanvullende verzekering te regelen. Maar doodgaan is een ver-van-je-bed show. Want als je 31 jaar bent, ga je natuurlijk niet dood.

Er is wel een spaarpot, maar die was eigenlijk bedoeld voor de studie van de kinderen. We bespreken de mogelijkheden om een grafsteen later te doen. De kinderen kunnen in plaats daarvan schelpen en stenen zoeken, plantjes planten en van klei op school kunstwerken maken. Ook passen we de wensen iets aan, zoals een andere rouwkaart en een goedkopere kist.

Ze vertelt dat haar ouders hebben aangegeven mee te willen betalen. Iets wat ze eigenlijk niet wil aannemen, maar hier nu toch gebruik van gaat maken.

Drie maanden later…

We lopen met de kist het schelpenpaadje af. De kist is prachtig versierd en gekleurd door de kinderen. Die huppelen naast me. “Mama vertelde dat we haar graf mogen versieren”, zegt het dochtertje. “Volgende week gaan we met papa naar de winkel om plantjes uit te zoeken. En ik doe vergeet-mij-nietjes erop.”

Glimlachend kijk ik naar haar. Op deze manier ook na de uitvaart betrokken zijn, helpt bij de verwerking.

In gedachten zie ik een prachtig graf, met de mooiste bloemen en andere eigengemaakte kunstwerkjes. Hun moeder had het vast prachtig gevonden.

Beer, varkentje en hun pensioen

door stijlXpres op 4 november 2017

Weblog | 31 oktober 2017

Voor de beer en het varkentje uit het verhaal van Max Velthuijs breekt de winter (lees: pensioenperiode) aan. Beiden bereiden ze zich daar op een heel verschillende manier op voor. In het boek wordt de methode van varkentje, de ijverige werker, het meest aangeprezen. Maar is dat eigenlijk wel terecht?

Wie niet werkt zal ook niet eten …

Ik ben gek op verhalen van Max Velthuijs. Mijn kinderen ook toen ze klein waren. Leuke opbouw van de verhalen. Aansprekende dieren met hun eigenschappen mooi uitvergroot. Prachtige kleurige tekeningen om de kinderen mee te nemen in het verhaal.

En altijd een boodschap hoe je je dient te gedragen. Dat laatste ben ik anders over gaan denken. Hoe dien je je te gedragen? Ik heb inmiddels een allergie voor het woord dienen opgebouwd.

Kent u het mooie verhaal van Beer en Varkentje? Heel in het kort gaat het als volgt. Varkentje heeft de hele zomer hard gewerkt om een voorraad voor de winter aan te leggen. Maar Beer heeft de hele zomer in het zonnetje gezeten. Als het koud wordt en gaat sneeuwen, kan Beer niets meer te eten vinden. Hongerig klopt hij aan bij Varkentje. Beer moet houthakken en sneeuwruimen en als hij dat heeft gedaan krijgt hij een heerlijke maaltijd van Varkentje! Want wie niet werkt zal ook niet eten… Een mooi verhaal. Een fabel en dus een moraal: wie wat wil moet ervoor werken. En: niet uitstellen, maar doen. Het is daarnaast een verhaal over dankbaarheid en vriendschap. Schitterend! Max Velthuijs op zijn best.

Wat heeft Beer eigenlijk nodig?

Alleen één ding snap ik niet. Beren houden toch een winterslaap? In de winter hebben zij geen voorraad nodig. Ze teren op hun vetlaag en hebben daarmee hele andere behoeften dan varkens, die de hele winter actief blijven. Dus waarom zou een beer een wintervoorraad moeten aanleggen?

Zo kom ik op mijn overpeinzing. Dient een beer zich net zo te gedragen als een varken? Volgens mij niet. Of in grote-mensen termen: moet ik evenveel sparen voor mijn pensioen als een ander? Of moet ik er eerst eens over nadenken wat ik wil doen na mijn pensioen? Hoeveel geld ik daarvoor nodig heb? Wil ik regelmatig naar mijn caravan op de Veluwe of wil ik elk jaar minimaal zes maanden over de wereld zwerven? Heb ik een Canta nodig om naar de supermarkt te rijden of wil ik op mijn zeventigste een cabrio?

Moraal van mijn verhaal: bedenk wat je later wil doen en pas daar je spaarpot op aan. En ook: bedenk hoe groot je je spaarpot kunt laten worden en pas daar je wensen op aan. U dient immers wel realistisch te blijven 😉

Meer weten?

Wilt u zich ook verdiepen in uw inkomsten en uitgaven bij pensioen? Vul de Pensioenschijf-van-vijf in

Laaggeletterdheid en financiële problemen

door stijlXpres op 3 november 2017

Aanpak

Voor mensen met geringe taal- en/of rekenvaardigheden is het moeilijker om rekeningen te begrijpen, toeslagen aan te vragen of de eigen administratie bij te houden. Het is daarom van belang om zo vroeg mogelijk in een (schuldhulpverlenings)traject laaggeletterdheid te herkennen. Bijvoorbeeld met behulp van screeningsinstrumenten zoals de Taalmeter of Rekenmeter.

Soms moet de dienstverlening aan cliënten worden aangepast of een hulptraject wordt gecombineerd met het ontwikkelen van vaardigheden. Dat kan door gebruik te maken van lesmateriaal in eenvoudige taal, gericht op het op orde krijgen van de administratie, zoals Voor ’t zelfde geld.

Uit de praktijk

In de gemeente Amsterdam werpt de Aanpak Armoede Taal en Laaggeletterdheid (ATL) haar vruchten af. Het besef dat de doelgroepen van het taal- en armoedenetwerk grotendeels overeenkomen zorgt ervoor dat in de uitvoering allerlei verbanden worden gelegd. 

Maarten van Aernsbergen, senior beleidsadviseur Volwasseneneducatie en Participatie bij de gemeente Amsterdam, legt uit waarom die samenwerking belangrijk is: “We weten sinds jaar en dag al dat alleen taal leren niet de oplossing is. Je moet het leren van taal ergens aan verbinden, het zinvol maken. Taal is het middel om aan deze problemen te werken.”

Samenwerking

In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen, schrijven en rekenen. Dat heeft grote impact op hun sociale leven. Samen met lokale en landelijke partners, waaronder het Nibud, zet Stichting Lezen & Schrijven zich in om de financiële zelfredzaamheid te vergroten door het versterken van basisvaardigheden.

Blog 2 Rens Jansen

door Henk Kinds op

In mijn vorige blog ben ik geëindigd met een toelichting op de kosten die het afdwingen van je recht met zich meebrengt. In deze blog ga ik daar nog wat verder op in.

Zoals al gemeld is het voeren van een procedure duur. Om onnodige kosten te voorkomen hebben de gerechtsdeurwaarders inmiddels een aantal systemen ontwikkeld waardoor er meer inzicht is in de financiële situaties van schuldenaren.

Zo is er een Digitaal Beslag Register waar alle door de gerechtsdeurwaarders gelegde loonbeslagen in staan. Voordat een deurwaarder een dagvaarding uitbrengt en de dure procedure dus gaat lopen, moet (ja moet!) hij controleren of iemand niet al loonbeslag heeft liggen. Als uit het DBR blijkt dat er al beslag ligt en dit langer dan 3 jaar zal duren, moet de deurwaarder de schuldeiser vragen of deze echt wel wil procederen.

Helaas worden beslagen van de (semi-)overheid / fiscus / gemeenten etc (nog) niet in het register gezet, maar het geeft een redelijk beeld van de situatie waarin de schuldenaar zit.

Daarnaast is er de Verwijs Index Schuld Hulpverlening ontwikkelt. VISH geeft gerechtsdeurwaarders de mogelijkheid om te zien of iemand zich heeft aangemeld bij de schuldhulpverlening. En als iemand bekend is bij de hulpverlening kun je alsnog afzien van procederen. Helaas zijn de gemeenten in Salland trouwens nog niet aangesloten, maar maandelijks komen er gemeenten bij dus wij hopen dat ze snel volgen.

En waarom ontwikkelen deurwaarders nou zulke systemen of waarom sluiten ze zich aan bij de Sallandse Dialoog? Daar zijn diverse redenen voor.

Niet-kunners en niet-willers.

Wij komen bij alle mensen thuis. Ook bij hen die niet bij de (schuld)hulpverlening bekend zijn (de ijsberg onder water). Wij zien echt de onderste lagen van de bevolking, de schrijnendste gevallen, de mensen die tussen de uitwerpselen leven, die zichzelf kapot maken met drank en drugs, die compleet in isolement leven. Mensen die echt door de bomen het bos niet meer zien en de hoop hebben op gegeven. En aangezien gerechtsdeurwaarders naast openbare ambtenaren ook maar gewoon mensen zijn, willen wij daar wat aan doen.

Er zijn altijd mensen die rekeningen laten liggen. Ze worden vergeten of er worden bewust andere zaken gedaan met de financiën, daar kunnen wij vaak eenvoudig een schuld incasseren. En als dat niet vrijwillig wordt gedaan, dan kunnen we het afdwingen.

Maar voor de mensen die het niet bewust doen of niet kunnen betalen, moeten er mogelijkheden zijn om te voorkomen dat ze in de problemen komen en mogelijkheden zijn om er weer uit te komen.

Wij willen dat er ondersteuning is voor de mensen die dat nodig hebben en de Sallandse Dialoog biedt en ontwikkelt deze mogelijkheden en het is voor ons dan ook vanzelfsprekend dat wij daar als partner bij betrokken zijn.

In het volgende blog zal ik nog in gaan op de zakelijke redenen waarom wij dit soort systemen ontwikkelen.

Nibud blij met lancering nieuwe online geldplannen

door stijlXpres op 2 november 2017

Nieuwsbericht | 2 november 2017

Vandaag lanceert Startpunt Geldzaken, het samenwerkingsverband van Nibud, VEH, VEB en FPP twee nieuwe geldplannen: ‘Rondkomen met kinderen’ en ‘Studie (klein)kinderen’.

Voor het geldplan Rondkomen met kinderen heeft het Nibud samengewerkt met het Trimbos- instituut. En het geldplan Studie (klein)kinderen was niet tot stand gekomen zonder de steun van Fitvermogen.

Startpunt Geldzaken

De geldplannen maken onderdeel uit van Startpunt Geldzaken van het Nibud. In de geldplannen worden gebruikers stap voor stap geholpen om uit de zorgen te komen, hun financiële situatie te versterken, geld over te houden en op een slimme manier buffers op te bouwen, zodat financiële tegenslagen kunnen worden opgevangen.

Bij Startpunt Geldzaken zijn nu 120 gemeenten en 40 organisaties aangesloten.

Geldplan Rondkomen met kinderen

Eén op de acht kinderen groeit op in armoede. Reden temeer om de vele kindregelingen nog beter zichtbaar te maken. Het geldplan ‘Rondkomen met kinderen’ wijst ouders en hun hulpverleners naar de voor hen relevante regelingen.

Daarnaast biedt het geldplan ondersteuning om de mentale weerbaarheid te vergroten. Daar waar nodig wordt in het geldplan doorverwezen naar professionele hulp.

Geldplan Studie (klein)kinderen

Een studie vraagt een hoge investering. Sinds de invoering van het leenstelsel vragen steeds meer ouders en grootouders zich af op welke manier zij het beste geld apart kunnen zetten voor de studie van hun (klein)kinderen.

Het geldplan Studie (klein)kinderen laat stapsgewijs de mogelijkheden zien, geeft inzicht in de risico’s en laat zien wat het gespaarde en/of belegde bedrag uiteindelijk kan opleveren.

Lisa Brüggen lid Raad van Toezicht

door stijlXpres op 1 november 2017

Nieuwsbericht | 1 november 2017

Lisa Brüggen treedt op 1 december a.s. toe tot de Raad van Toezicht van het Nibud. Ze volgt Marius Geus op, die na een jarenlange verbintenis met het Nibud afscheid neemt.


Lisa Brüggen is onlangs hoogleraar Financial Services geworden aan de Universiteit van Maastricht. Daarvoor vervulde ze aan dezelfde universiteit de functie van universitair hoofddocent Marketing.

Haar specialisaties liggen onder meer op het terrein van financieel welzijn en pensioenen.

Financiële veerkracht

De Raad van Toezicht van het Nibud vindt in Brüggen een enthousiast en betrokken nieuw lid: “Ik vind het heel erg leuk om lid van de RvT van het Nibud te worden. Ik vind het belangrijk om mensen te helpen met het verkrijgen van inzicht in hun financiële situatie en hun financiële veerkracht – nu en in de toekomst – te vergroten.”

Nibud: In 2021 koopkrachtstijging van 4 tot 6 procent voor werkende Nederlander

door stijlXpres op 27 oktober 2017

Persbericht | 27 oktober 2017

Het op 10 oktober gepresenteerde regeerakkoord van het kabinet-Rutte III betekent – als het ook zo wordt uitgevoerd – in 2021 een koopkrachtstijging voor alle werkenden. De stijging varieert van een kleine 4 tot een ruime 6 procent in de komende vier jaar. Hogere inkomens gaan er meer op vooruit dan lagere inkomens.

Dat blijkt uit berekeningen van het Nibud dat in opdracht van de Tweede Kamer het regeerakkoord heeft doorgerekend. Het instituut schetst aan de hand van bijna honderd veel voorkomende voorbeeldhuishoudens een beeld van de bedragen die deze huishoudens in 2021 meer of minder te besteden hebben in vergelijking met dit jaar.

Werkenden erop vooruit

Alle werkenden gaan erop vooruit. Hun koopkracht stijgt – afhankelijk van hun situatie – met zo’n 4 tot 6 procent in de komende vier jaar. Dit komt omdat de verwachte loonstijging hoger is dan de prijsstijging. Werkenden profiteren ook van de hogere arbeidskorting en lagere belastingtarieven.

Werkenden met een relatief laag inkomen tot 20.000 euro per jaar hebben een minder grote koopkrachtstijging, omdat het grootste deel van hun inkomen in de eerste belastingschijf valt. En dit belastingtarief stijgt waardoor ze meer belasting betalen in 2021. De verandering van het belastingstelsel is wel gunstig voor middeninkomens en hoge inkomens: zij betalen hierdoor juist iets minder belasting.

Nauwelijks verbetering voor bijstandsgerechtigden

Het Nibud ziet dat door de plannen in het regeerakkoord huishoudens met een bijstandsuitkering er nauwelijks op vooruit gaan. Een alleenstaande in de bijstand heeft in 2021 per maand 21 euro meer te besteden dan dit jaar. Voor een alleenstaande met een kind is dat 15 euro.

De koopkracht van mensen met een bijstandsuitkering stijgt nauwelijks doordat zij geen voordeel hebben van de hogere arbeidskorting en omdat de uitkeringen minder stijgen dan de lonen. De koopkrachtvooruitgang van bijstandsgerechtigden bedraagt over vier jaar minder dan 2 procent.

Btw-verhoging

Het kabinet wil het lage btw-tarief verhogen van 6 procent naar 9 procent. In dit btw-tarief zit een aantal producten en diensten dat als noodzakelijk wordt gezien, zoals voedingsmiddelen. De btw-verhoging leidt tot een verhoging van de inflatie van ca. 0,7 procentpunt. Dit algemene inflatiecijfer heeft het Nibud meegenomen in de koopkrachtberekeningen. Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is dat zo’n 15 euro in de maand.

Gemiddeld besteden huishoudens ongeveer 20 procent van hun budget aan goederen en diensten in het lage btw-tarief. Sommige huishoudens geven echter meer dan 20 procent van hun budget uit aan goederen en artikelen in het lage btw-tarief en zij hebben dus extra nadeel van de btw-verhoging.

Voor een paar in de bijstand met twee kinderen is een budgetaandeel van 27 procent in het lage tarief een realistische schatting. Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat deze verhouding het gezin in de bijstand met twee kinderen 5 euro extra per maand kost. In 2021 heeft dit gezin te maken met een koopkrachtstijging van 45 euro per maand in vergelijking met dit jaar, als we uitgaan van de gemiddelde uitgaven bij de supermarkt. Maar als we meenemen dat dit huishouden procentueel gezien meer kosten aan voeding heeft, gaan ze er vijf euro minder op vooruit en hebben ze in 2021 40 euro meer te besteden dan dit jaar.

Rijke gepensioneerden in de min

Huishoudens boven de AOW-leeftijd profiteren niet van de loonstijging. De AOW stijgt wel de komende vier jaar, maar de verwachting is dat de aanvullende pensioenen nauwelijks omhoog gaan de komende jaren. Hierdoor is het voor AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen vaak lastig om de verwachte prijsstijgingen op te vangen en ziet het Nibud dat met name ouderen met een hoog aanvullend pensioen erop achteruit gaan in 2021.

Het regeerakkoord bevat ook maatregelen om de koopkracht van ouderen te ondersteunen. Zo wordt de ouderenkorting verhoogd en wordt die minder snel afgebouwd. Dit is met name voordelig voor ouderen met alleen AOW of met AOW en een klein aanvullend pensioen: voor hen ziet het Nibud nog wel een kleine koopkrachtstijging.

Huishoudens met kinderen in de plus

Huishoudens met kinderen profiteren van de verhoging van de kinderbijslag en het inkomensafhankelijke kindgebonden budget. De afbouw van het kindgebonden budget begint nu nog bij een bruto jaarinkomen van 20.000 euro, straks is dat voor paren ruim 39.000 euro. Ook stijgt het kindgebonden budget voor het tweede kind.

Huishoudens waar één van beide partners werkt, blijven dit keer niet achter bij huishoudens waar beide partners werken. Een stel met een kind, waarvan één partner werkt en 40.000 euro per jaar verdient, gaat er 6,8 procent op vooruit en heeft daarmee over vier jaar 172 euro per maand meer te besteden dan nu. De afgelopen jaren kwam de alleenverdiener er over het algemeen minder goed vanaf dan een stel waarvan beide partners werkten.

Afschaffing grens huurtoeslag gunstig

Een van de plannen in het regeerakkoord is het afschaffen van de inkomensgrenzen in de huurtoeslag. Nu krijg je bij een bepaald inkomen helemaal geen huurtoeslag meer, vanaf 2021 wordt dat geleidelijk minder. Hoe hoger het inkomen hoe lager de huurtoeslag wordt.

Deze maatregel zorgt ervoor dat huishoudens die nu geen recht op huurtoeslag hebben, dat in 2021 wel hebben. Dit kan voor sommige huishoudens heel gunstig uitpakken en meer dan 160 euro per maand schelen. Een alleenstaande oudere met AOW en een aanvullend pensioen van 7500 euro gaat er in 2021 bijna 10 procent op vooruit, dit is 166 euro per maand. Maar als diegene in een woning woonde zonder huurtoeslag zou hij er slechts 1,6 procent, 27 euro per maand, op vooruit gaan.

Huiseigenaren lagere koopkrachtstijging dan huurders

Uit de berekeningen van het Nibud blijkt dat huishoudens met een eigen woning en hypotheek een iets minder hogere koopkrachtstijging hebben dan niet- woningbezitters met eenzelfde woonlast. Huizenbezitters ondervinden nadeel van de lagere belastingtarieven en van de afbouw van de hypotheekrenteaftrek.

Hoe hoger de hypotheek, hoe kleiner de koopkrachtstijging.

Daarnaast wordt vanaf 2019 de wet-Hillen in dertig jaar afgebouwd. Dit betekent dat huishoudens die hun hypotheek volledig hebben afgelost in 2021 10 procent van het eigenwoningforfait moeten optellen bij hun inkomen in box 1. Het effect hiervan is afhankelijk van het inkomen en de waarde van de woning. Het kan variëren van 0 euro, als men niet alle heffingskortingen kan verzilveren, tot bijvoorbeeld min 163 euro per jaar bij een inkomen van 70.000 euro en een woningwaarde van 600.000 euro.

Voorbeeldberekeningen

Koopkrachtontwikkeling voor 2021 (bedragen netto per maand)

Nibud: Hypotheeknormen 2018 – hogere leencapaciteit door loonstijging

door stijlXpres op 24 oktober 2017

Persbericht | 19 oktober 2017

De ruimte in het budget die huishoudens in 2018 hebben voor hypotheeklasten is voor de meeste inkomens ongeveer hetzelfde als in 2017. Dat schrijft het Nibud in het adviesrapport Financieringslastnormen 2018 dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vandaag aan de Tweede Kamer heeft aangeboden.

De financieringslastpercentages blijven redelijk stabiel. Dat komt onder meer doordat er weinig verandert aan de koopkracht en de hypotheekrente en de financieringslastpercentages over vier jaar gemiddeld worden. Een loonstijging kan er echter voor zorgen dat huishoudens toch meer hypotheek kunnen krijgen. Dit geldt natuurlijk het meest voor hogere inkomens, die in euro’s het meeste erbij krijgen.

Bij de verwachte gemiddelde loonstijging van 2,2 procent geldt dat voor inkomens vanaf ca. 45.000 euro. Tweeverdieners zullen merken dat het tweede inkomen voor 70 procent mag worden meegeteld bij het bepalen van het toetsingsinkomen voor het financieringslastpercentage, dit jaar is dat nog voor 60 procent. Ook is de definitie voor zeer energiezuinige woningen verbreed, waardoor ook andere bouwwijzen voor een hogere hypotheek in aanmerking komen. 

Hypotheeknormen 2018

De ruimte die een huishouden heeft voor woonuitgaven wordt bepaald door het bruto inkomen te verminderen met de verschuldigde belastingen en premies en met de overige kosten van levensonderhoud. Deze overige uitgavenposten moeten ook betaalbaar blijven na het afsluiten van een hypotheek.

Voor het bepalen van de percentages voor 2018 heeft het Nibud onder meer rekening gehouden met het feit dat consumenten in 2018 een hypotheek mogen afsluiten tot maximaal 100 procent van de waarde van de koopwoning. Ook is de jaarlijkse beperking van de hypotheekrenteaftrek met 0,5 procentpunt in de hoogste schijf meegenomen, in 2018 gaat deze van 50 naar 49,5 procent.

Als het Nibud deze wijzigingen meeneemt en rekening houdt met een verwachte loonstijging van 2,2 procent blijkt dat voor huishoudens met een inkomen tot ongeveer 45.000 euro de leencapaciteit stabiel blijft. Voor hogere inkomens stijgt de leencapaciteit licht. Voor huishoudens waarvan het inkomen niet stijgt, is de maximale hypotheek volgend jaar gelijk of iets lager dan dit jaar. Vanwege de inflatie en de daarmee gepaard gaande hogere uitgaven aan bijvoorbeeld voeding is er voor deze groep minder ruimte voor de woonuitgaven.

Blog 1 Rens Jansen

door Henk Kinds op 20 oktober 2017

Blog Rens Jansen, Gerechtsdeurwaarder bij BJK Gerechtsdeurwaarder & Incassospecialisten en ook bestuurslid en mede oprichter van de coöperatie Sallandse Dialoog.

Met regelmaat kijken mensen nogal vreemd op wanneer ze horen dat een deurwaarder & incassobureau deelneemt aan een samenwerking die zich richt op financiële redzaamheid, schuldhulpverlening en schuldpreventie. Wij leven immers toch van de schulden van mensen?!

In de komende drie blogs duik ik in het werk en leg ik uit waarom wij zijn aangesloten bij de Sallandse Dialoog.

Het werk.

Een schuldeiser doet iets voor zijn relatie. En of hij nou een huis verhuurt, een auto of gebit repareert of een verzekering aanbiedt, de schuldeiser heeft recht op een vergoeding voor deze acties. Wanneer iemand zijn plicht richting een schuldeiser niet voldoet, zijn daar hoge kosten mee gemoeid.

Denk eens aan de hoeveelheid tijd die de boekhouding er aan moet spenderen. De accountmanager / boekhouder die moet vragen waar de betaling blijft. De rente die misschien wel door de schuldeiser voldaan moet worden i.v.m. een voorfinanciering, de aanmaningen die worden verstuurd, de telefoontjes, het briefpapier, de enveloppen, de postzegels (die komend jaar weer 5 cent duurder worden) etc. Alles om maar te zorgen dat je krijgt waar je recht op hebt.

En als het vervolgens niet lukt om te incasseren gaat de zaak naar een incassopartner. Die er op zijn beurt ook weer een heleboel tijd in moet steken en kosten moet maken om de schuld te incasseren.

De kosten die je als schuldeiser (of incassopartner) daarvoor in rekening mag brengen zijn sinds 2012 wettelijk vastgelegd. En in de basis geldt: 15 % over de schuld met een minimum bedrag van € 40 en hoe hoger de schuld, hoe lager het percentage aan kosten. Meer info: www.deurwaarders.com/incassokosten

Een voorbeeld: Voor een openstaande factuur van € 200 stuurt de schuldeiser een herinnering en 2 aanmaningen, hij belt en gaat misschien zelfs wel langs. Daarna stuurt de incasso partner ook diverse aanmaningen, pleegt telefoontjes en stuurt SMS-jes en emails. Iedereen begrijpt dat de maximaal toegestane € 40,-dan de kosten niet dekt. Toch doen schuldeisers en incassobureaus al die pogingen en waarom?

Dure procedure.

Dat komt omdat het afdwingen van je recht nog veel duurder is. Als je een veroordeling wil, moet je een dagvaarding door een deurwaarder laten uitbrengen. Vervolgens volgt er een procedure en komt er een uitspraak. Die uitspraak moet aan de schuldenaar worden uitgereikt en pas daarna kan betaling worden afgedwongen.

De kosten voor die factuur van € 200 worden dan al ongeveer € 350 en als de schuld € 600 was, dan zijn die kosten ongeveer € 750. Kosten die de schuldenaar wel moet betalen, maar waarvan het risico in eerste instantie bij de schuldeiser ligt.

Er is dan nog geen beslag gelegd en/of de ontruiming heeft nog niet plaats gevonden. Die wettelijk vastgestelde kosten komen daar dus nog bij. Meer info: www.deurwaarders.com/kosten.

In de volgende blog wordt hier verder op ingegaan.

Wat betekent het regeerakkoord voor u?

door stijlXpres op 13 oktober 2017

De inhoud van het regeerakkoord is bekend. Zo weten we nu onder meer dat:

  • de btw op de dagelijkse boodschappen omhoog gaat van 6 procent naar 9 procent
  • de kinderbijslag omhoog gaat
  • u meer gaat betalen voor gas en elektriciteit
  • de grenzen voor huurtoeslag zullen veranderen

Maar wat het nieuwe regeerakkoord betekent voor uw portemonnee is nog onduidelijk. Wijzer in Geldzaken heeft de plannen van Rutte III wel alvast overzichtelijk voor u op een rij gezet. Door het invullen van de tool Wat betekent dit voor mij ziet u snel met welke financiële maatregelen u nog meer te maken kunt krijgen.

Actueel

Vergeet-mij-nietjes op het graf
29 november 2017

Gastblog door Marinette Boersma, uitvaartverzorgster Yarden Weblog | 29 november 2017 Ik loop het schelpenpaadje op naar het huis. De

Lees meer
Beer, varkentje en hun pensioen
4 november 2017

Weblog | 31 oktober 2017 Voor de beer en het varkentje uit het verhaal van Max Velthuijs breekt de winter

Lees meer

Nieuwsbrief

Wil je op de hoogte blijven van acties en ontwikkelingen? Schrijf je dan in op onze nieuwsbrief!

* verplicht veld

Deel ons

Help de dialoog te versterken door ons te delen in jouw netwerk.