Belastingdienst weigert beslagvrije voet aan te passen vanaf meldingsdatum

20 augustus 2018 - Schuldinfo

Een vrouw klaagt erover dat de Belastingdienst in eerste instantie niet reageert op haar verzoek om een eerder vastgestelde beslagvrije voet te hanteren en later weigert om deze met terugwerkende kracht te corrigeren. Op aanraden van de deurwaarder stuurde ze daarover een brief naar het belastingkantoor. De vrouw heeft haar verzoek volgens de Belastingdienst onvoldoende onderbouwd. De Nationale ombudsman is het daarmee niet eens, mede omdat de Belastingdienst ook geen berekening heeft meegestuurd bij het wijzigen van de beslagvrije voet, en acht de klacht gegrond.


De Belastingdienst heeft vanaf juli 2016 de beslagvrije voet van verzoekster met enkele honderden euro’s verlaagd zodat zij van haar WAO-uitkering een stuk minder overhoudt. In juli 2016 stuurt verzoekster een e-mail aan de belastingdeurwaarder waarin ze verzoekt de eerder vastgestelde beslagvrije voet van € 1.745 te respecteren omdat zij anders in grote financi?le problemen terecht zal komen. De deurwaarder adviseert haar een brief te sturen naar het belastingkantoor. Dit doet verzoekster. Nadat een reactie uitblijft, dient ze hierover een klacht in.

Zowel tijdens de interne klachtbehandeling door de Belastingdienst als tijdens het onderzoek van de Nationale ombudsman weigert de Belastingdienst de beslagvrije voet vanaf juli 2016 te corrigeren omdat betrokkene niet eerder dan oktober 2016 haar verzoek nader onderbouwd heeft.

De Nationale ombudsman vindt – met name vanwege het feit dat de Belastingdienst bij de vaststelling geen berekening van de beslagvrije voet heeft meegestuurd – niet dat het geheel aan verzoekster kan worden verweten dat ze haar verzoek niet tijdig onderbouwd heeft. Daarnaast vindt hij dat de deurwaarder niet adequaat en volledig op de e-mail van verzoekster heeft gereageerd.

Daarmee is de klacht naar het oordeel van de Nationale ombudsman gegrond wegens schending van goede informatieverstrekking en het vereiste van maatwerk.

De Nationale ombudsman verbindt aan dit oordeel de aanbeveling om in gesprek te gaan met verzoekster om te bezien of zij het nog zinvol acht de beslagvrije voet per 19 juli 2016 te corrigeren. Daarnaast beveelt hij aan dat bij elke vaststelling of correctie van de beslagvrije voet een berekening mee wordt gezonden waaruit blijkt op welke gegevens deze is gebaseerd.

Ten slotte doet hij de aanbeveling dat de Belastingdienst de burger proactief informeert en zich coulant en ruimhartig opstelt in situaties waarin de burger een melding maakt dat hij onder de voor hem geldende beslagvrije voet heeft geleefd.

Naschrift
Het is schokkend dat uitgerekend de overheid zich zo rigide opstelt en mensen met schulden verder in de problemen helpt. Eerder heeft de belastingdienst een rapport van de Nationale ombudsman over het niet met terugwerkende kracht aanpassen van de beslagvrije voet naast zich neergelegd. In onderhavige casus is de belastingdienst zelfs niet bereid om de beslagvrije voet aan te passen vanaf het moment van de meldingsdatum omdat het verzoek niet op juiste wijze is ingediend. Het wordt tijd dat medewerkers zich gaan verdiepen in het wat betekent om schulden te hebben en hoe moeilijk het voor veel van hen is om op het juiste moment het juiste te doen. Een leestip:
Weten is nog geen doen, een realistisch perspectief op redzaamheid, een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid

Andre Moerman

Meer informatie
Rapport Nationale ombudsman 31 mei 2018, nr. 2018/034
Rapport Nationale ombudsman 26 februari 2015, nr. 2015/039
Achtergrondinfo invordering belastingdienst