Laaggeletterdheid en financiële problemen

3 november 2017 - Algemeen

Aanpak

Voor mensen met geringe taal- en/of rekenvaardigheden is het moeilijker om rekeningen te begrijpen, toeslagen aan te vragen of de eigen administratie bij te houden. Het is daarom van belang om zo vroeg mogelijk in een (schuldhulpverlenings)traject laaggeletterdheid te herkennen. Bijvoorbeeld met behulp van screeningsinstrumenten zoals de Taalmeter of Rekenmeter.

Soms moet de dienstverlening aan cliënten worden aangepast of een hulptraject wordt gecombineerd met het ontwikkelen van vaardigheden. Dat kan door gebruik te maken van lesmateriaal in eenvoudige taal, gericht op het op orde krijgen van de administratie, zoals Voor ’t zelfde geld.

Uit de praktijk

In de gemeente Amsterdam werpt de Aanpak Armoede Taal en Laaggeletterdheid (ATL) haar vruchten af. Het besef dat de doelgroepen van het taal- en armoedenetwerk grotendeels overeenkomen zorgt ervoor dat in de uitvoering allerlei verbanden worden gelegd. 

Maarten van Aernsbergen, senior beleidsadviseur Volwasseneneducatie en Participatie bij de gemeente Amsterdam, legt uit waarom die samenwerking belangrijk is: “We weten sinds jaar en dag al dat alleen taal leren niet de oplossing is. Je moet het leren van taal ergens aan verbinden, het zinvol maken. Taal is het middel om aan deze problemen te werken.”

Samenwerking

In Nederland hebben 2,5 miljoen volwassenen moeite met lezen, schrijven en rekenen. Dat heeft grote impact op hun sociale leven. Samen met lokale en landelijke partners, waaronder het Nibud, zet Stichting Lezen & Schrijven zich in om de financiële zelfredzaamheid te vergroten door het versterken van basisvaardigheden.